Thursday 21/October/2010
|
Door: Liselotte Maas
|
Geld lenen
De auto vormt voor veel mensen een struikelblok om hulp te gaan zoeken bij het oplossen van hun schulden. Inderdaad is het zo dat zowel bij een wettelijke als een minnelijke regeling (meestal opgezet door de gemeente), een auto onderdeel is van het vermogen en daarom dient te worden verkocht.
Liever niet verkopen?
Gelukkig zijn er wel alternatieven. Zo mag de auto worden behouden als deze noodzakelijk is voor het werk. In dat geval dient meestal wel de waarde van de auto te worden bepaald door een tweetal garagehouders, waarna deze waarde gedurende de looptijd van de schuldregeling als extra bedrag dient te worden gespaard voor de schuldeisers. Maar zo’n zelfde mogelijkheid kan ook aan de bewindvoerder worden verzocht als mensen hun auto graag willen behouden. Er dient dan wel toestemming te komen van de rechter-commissaris, en er zal een duidelijke reden voor aangegeven moeten worden, maar uitgesloten is deze mogelijkheid zeker niet. Ouders met kinderen die te afgelegen wonen om met het openbaar vervoer te reizen naar familie en/of sportclubs, is vaak al voldoende reden om de auto te mogen behouden.
Is de auto wel of niet noodzakelijk?
Er is echter wel een groot verschil. Als de auto niet noodzakelijk is, wordt men geacht alle onkosten (ook bij een oude auto toch vaak nog wel zo’n 200 euro per maand) te betalen uit het minimale bedrag dat iemand ter beschikking heeft om van te leven. Er zullen dus duidelijke keuzes moeten worden gemaakt, als men in een schuldregeling graag toch auto wil blijven rijden. ‘Maar ik heb een Opel uit 1993, die is veel goedkoper dan dat ik met openbaar vervoer ga reizen, dat kost me zo 100 euro per maand’. ‘Reken maar eens uit’, is dan mijn antwoord. En dan niet alleen de benzine, maar met verzekering, motorrijtuigenbelasting en het onderhoud, kom ik niet vaak tegen dat autorijden voordeliger is dan reizen met de trein en/of bus. Voor alle duidelijkheid: in het geval van de medewerker die in ploegendiensten werkzaam is op een industrieterrein en vanwege zijn wisselende diensten geen mogelijkheid heeft met het openbaar vervoer te reizen, mag een auto dus behouden blijven.
Een extra correctie op het vrij te laten bedrag
De onkosten hoeven in dit geval niet vanuit het minimale geld dat ter beschikking staat in een schuldregeling te worden betaald. Het wordt dan namelijk meegenomen als een extra correctie bij de berekening van het vrij te laten bedrag, oftewel de schuldenaar mag dan een extra bedrag per maand behouden als ‘onkostenvergoeding’ voor de auto. De kosten van een auto komen in dit voorbeeld dan ook niet ten laste van het te besteden huishoudgeld. Ingewikkeld? Volgende keer meer over het bedrag dat iemand in een schuldregeling te besteden heeft, het vrij te laten bedrag.