Thursday 23/September/2010
|
Door: Liselotte Maas
|
Geld lenen
Zoveel schulden dat er geen uitzicht is om alles tijdig terug te kunnen betalen? Dan is het laatste redmiddel de wettelijke schuldregeling, oftewel de Wsnp. Toegelaten worden tot de Wsnp is geen sinecure. Maar eenmaal toegelaten begint het pas: van de schuldenaar wordt verwacht dat hij (uiteraard) volledige inzage geeft in zijn financiën.
Dit betekent dat alle(!) post de eerste dertien maanden rechtstreeks naar de bewindvoerder wordt gestuurd. Deze wordt opengemaakt en daarna pas doorgestuurd, of kan worden afgehaald bij de bewindvoerder. Vaak hoor ik dat mensen dit nog als het zwaarste ervaren gedurende de gehele looptijd van de Wsnp.
Sollicitatieplicht
Naast de informatieplicht is er ook een sollicitatieplicht. Geen of parttime werk betekent solliciteren naar een fulltime baan, en ook hiervan moeten elke maand kopieën worden overlegd aan de bewindvoerder. Een ontheffing is alleen mogelijk op grond van een medische verklaring waarin een arts aangeeft voor welke duur er niet of slechts gedeeltelijk arbeid verricht kan worden. Zorg voor zieke ouders of kleine kinderen is geen reden voor een ontheffing. Het niet (tijdig) kunnen regelen van kinderopvang of vervoer evenmin. Voor velen vormt de sollicitatieplicht ook een struikelblok om de Wsnp tot een goed einde te brengen.
Afdracht
Dan de afdracht. Drie jaar lang dien je rond te komen van een minimaal bedrag dat bestemd is voor het voldoen van de vaste lasten en de boodschappen. Iets extra’s zit er, afgezien van een deel van het vakantiegeld, deze jaren niet in. Eindejaarsuitkering? Belastingteruggaaf? Erfenis? Het gaat allemaal naar de schuldeisers. Logisch, maar het leidt soms toch tot schrijnende gevallen. Als je het al niet breed hebt, is het moeilijk omdat je toch een nieuwe winterjas nodig hebt en je met kiespijn toch door de tandarts geholpen wilt worden, maar de eigen bijdrage is vaak al te hoog om te kunnen voldoen.
Om over het verkopen van het aanwezige vermogen nog maar te zwijgen. Natuurlijk moet er zoveel mogelijk gespaard worden voor de schuldeisers, maar betekent dat dan ook dat de ketting en oorbellen die geërfd zijn van oma zomaar verkocht moeten worden? Inderdaad. En de auto, een Opel uit 1993 die aan waarde al drie keer is afgeschreven, maar die heel handig is om familie te bezoeken aan de andere kant van het land? Ook daarvan dient toch de waarde te worden vastgesteld en ook die auto dient in principe te worden verkocht (als deze niet noodzakelijk is voor het werk). Het moeten verkopen van de auto schrikt mensen vaak af en is geregeld een reden om bij voorbaat al af te zien van toelating tot de Wsnp. Toch zonde in een uitzichtloze schuldsituatie, want in veel gevallen is er nog wel een andere oplossing denkbaar. Daarover volgende keer meer.