‘Geen casinopensioen voor werknemers!’ Henk van der Kolk van FNV-Bondgenoten bleef dit verkondigen als een van zijn grootste bezwaren tegen het pensioenakkoord. En heeft hij daar niet volkomen gelijk in? Welke werknemer wil nu een casinopensioen? En van geen enkele vakbond mag toch verwacht worden dat wordt ingestemd met een akkoord dat voor de werknemers een casinopensioen oplevert! Zijn dus de andere FNV-bonden die in meerderheid vóór het pensioenakkoord hebben gestemd dan de weg kwijt?
Financiële problemen
Het veelbesproken pensioenakkoord is een afspraak tussen de sociale partners over de pensioenregeling van de toekomst. De aanleiding was gelegen in de financiële problemen waar veel pensioenfondsen na de kredietcrisis in terecht waren gekomen. Die financiële problemen werden verstrekt door de aanhoudende lage rente en de toegenomen levensduurverwachting van gepensioneerden. De pensioenen van veel werknemers dreigden gekort te worden of werkgevers moesten aanzienlijke bedragen bijstorten in de pensioenkassen. Tot dat laatste zijn werkgevers steeds minder bereid. Pensioenpremies bedragen vaak al meer dan 20 procent van de loonsom. Nog meer kosten voor de pensioenen zijn niet meer op te brengen.
Het pensioenakkoord geeft het raamwerk voor een financieel houdbare en toekomstbestendige pensioenregeling met zoveel mogelijk uitkeringszekerheid voor werknemers. Dat zou bereikt moeten worden door minder ‘harde' toezeggingen over het pensioen te doen. Het pensioen zou met minder zekerheid worden toegezegd, maar dat zou tegelijk tot meer uitkeringszekerheid moeten leiden. De paradox van de onzekere zekerheid. Hoe kan dat?
Beleggingsvrijheid
De idee achter dit fenomeen bij het pensioenakkoord houdt verband met de beleggingsvrijheid van pensioenfondsen. Hoe harder, hoe zekerder, pensioenrechten worden toegezegd, des te meer moet een pensioenfonds ook voldoende vermogen hebben om die toegezegde rechten te betalen. Het pensioenfonds moet dan over voldoende vermogen bezitten en mag ook niet te veel beleggingsrisico nemen.
In dat laatste zit een belangrijk deel van het probleem. Volgens economische vooruitzichten kan bij meer risicovol beleggen op langere termijn altijd een beter rendement worden behaald en dat is dus goed voor de betaalbaarheid van de pensioenen en is tevens noodzakelijk om de pensioenen te kunnen blijven indexeren. Dat is de theorie. De praktijk is dat beleggingsrisico's bij de werknemers worden gelegd. Bij goed renderende beleggingen profiteren de werknemers, maar bij slechte rendementen of beleggingsverliezen, zal het
pensioen van de werknemers automatisch lager uitvallen. De hoogte van het pensioen is immers afhankelijk geworden van de beleggingsresultaten. Dat is de onzekerheid voor de werknemers.
Casinopensioen
Dat is wat Van der Kolk bedoelt als hij het over casinopensioen heeft: de afhankelijk van de beleggingen. Maar de aanduiding casinopensioen is volledig overtrokken. Natuurlijk kan een pensioenfonds het pensioengeld van de werknemers niet inzetten aan de roulettetafel. De pensioengelden moeten professioneel en volgens de voorschriften van de Pensioenwet ‘prudent' belegd worden. Dat betekent dat een pensioenfonds moet beleggen in het belang van de deelnemers, zorgen voor voldoende spreiding van de beleggingen (niet op één paard wedden bij de beleggingen), zorgen voor een zorgvuldig evenwicht tussen rendement en risico en dat allemaal gecontroleerd door De Nederlandsche Bank. Door een intern verantwoordingsorgaan en een intern toezichtorgaan dat pensioenfondsen moeten instellen. Het vergokken van het pensioengeld is alleen mogelijk bij frauderende bestuursleden van een pensioenfonds.
Het spreken over casinopensioen is dus een beetje goedkope kretologie. Dat betekent niet dat de bezwaren tegen het pensioenakkoord maar genegeerd kunnen worden. Het is zonder meer een gegeven dat volgens het pensioenakkoord de beleggingsrisico's bij de werknemers komen te liggen. Of men dat wil, is een afweging. Het alternatief is het voortzetten van de huidige regeling met meer zekerheid, maar zekerheid die een hoge - mogelijk te hoge - prijs heeft, waardoor ook de huidige zekerheid weleens minder zeker kan blijken te zijn. De afgelopen jaren met de financiële problemen bij pensioenfondsen hebben dat wel aangetoond.